Archiefstukken & Foto's

aanvraagkaart Aanvraagkaart
aanvraagkaart Aanvraagkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
pasfoto Pasfoto
pasfoto Pasfoto
pasfoto_partner Pasfoto Partner

Archiefdocumenten

745 / 745-282 — pagina 308

Handgeschreven brief (officiële klacht).

* **Kernboodschap:** De gebroeders D. en M. Werkendam dienen een formele klacht in over een incident op de markt in de Westerstraat op een maandag. Zij zijn diep verontwaardigd over het optreden van een marktambtenaar, de heer Wolf. * **Grief:** De schrijvers bekritiseren het beleid waarbij marktkooplieden "bij het minste en geringste" geschorst of voor een dag verwijderd worden. Ze voelen zich behandeld als ondergeschikten van een slechte werkgever, in plaats van zelfstandige ondernemers. * **Toon:** De brief is formeel en beleefd ("Wel Ed. Heer"), maar de ondertoon is strijdbaar en dringend. Woorden als "Verontwaardiging", "dringend" en "verbitterd" onderstrepen de ernst van de situatie. * **Doel:** Het forceren van een persoonlijk gesprek ("onderhoud") met de directeur om de gang van zaken te bespreken.

24 juli 1939. Jaar: 1939
745 / 745-282 — pagina 310

Brief (sluiting) met ambtelijke kanttekeningen.

Het document is de laatste pagina van een formeel schrijven van D. Werkendam aan een ambtelijke instantie (aangesproken met "Uw Ed.", oftewel Uw Edelgestrenge). De kern van het verzoek is een eerlijk onderzoek naar een klacht waarbij een zekere heer Wolf betrokken is. D. Werkendam vreest voor een eenzijdige behandeling en vraagt om ook gehoord te worden. Hij tekent namens zijn werkgever, M. Werkendam. Onderaan het document staan felle reacties van een ambtenaar (waarschijnlijk een inspecteur van de marktpolitie of het marktwezen). De toon van de ambtenaar is denigrerend: hij noemt de brief "onzin" en stelt dat Werkendam straf verdient voor wangedrag. Tevens wordt de hiërarchie verduidelijkt: M. Werkendam had geen toestemming om zich door D. Werkendam te laten assisteren. Er wordt gesuggereerd dat D. Werkendam de zoon is van M. Werkendam.

27 juli 1939. Jaar: 1939
745 / 745-282 — pagina 311

Handgeschreven ambtelijke notitie / rapportage.

Het document is een verslag van een tuchtrechtelijke hoorzitting betreffende een marktkoopman genaamd M. Werkendam. De kernpunten zijn: 1. **Verzuim en wangedrag:** Werkendam is voor de tweede maal uit een café gehaald tijdens markttijden. De eerste keer was hij gewaarschuwd (wat hij toegeeft), de tweede keer moest hij als straf direct zijn spullen pakken ("onmiddellijk uitpakken"). 2. **Ongepaste bemoeienis:** Er is sprake van een conflict over telefonische uitlatingen. Werkendam beweert dat hij slechts aankondigde toezicht te zullen houden op een 'marktloper' (een assistent of toezichthouder op de markt) genaamd Schoeff. De rapporteur vindt het feit dat een koopman een marktloper wil controleren en rapporteren op zichzelf al "ongepast". 3. **Sanctie:** De ambtenaar stelt voor om Werkendam voor één week de toegang tot de Amsterdamse markten te ontzeggen, met een proeftijd van één jaar. 4. **Besluit:** Uit de kantlijnnotities blijkt dat de beslissing op 2 augustus 1939 is genomen en dat de waarschuwing officieel is genoteerd ("op slip noteeren").

31 juli 1939 (met aanvullingen op 2 en 8 augustus 1939). Jaar: 1939
745 / 745-282 — pagina 314

Verslag/Rapportage over een incident op een markt.

Het document is een ambtelijk verslag van een marktmeester of toezichthouder over een geschil betreffende een marktplaats. De kern van het conflict draait om de vraag wie het recht had om op een specifieke plek te staan: een "neef" (wiens handel het feitelijk was) of ene Werkendam (W.). De auteur van het verslag sommeerde de neef om in te pakken, waarna Werkendam protesteerde en de auteur vroeg om "door de vingers te kijken". Werkendam zocht steun bij zijn belangenbehartiger (de heer Loggem) en juridisch adviseurs (Mr. v. Praag). Hoewel de heer Loggem aanvankelijk probeerde te bemiddelen, gaf hij later in een vertrouwelijk gesprek toe dat Werkendam ongelijk had. Loggem verklaarde zijn eerdere handelen vanuit zijn rol als bestuurder die moet opkomen voor zijn leden, ook als zij fout zitten. De conclusie van het verslag is dat Werkendam niet correct heeft gehandeld. Onderaan het document is de afhandeling genoteerd: een straf van "2 dagen voorwaardelijk" (vermoedelijk een schorsing van de markt) en een oproeping voor 28 juli 1939.

24 juli 1939. Jaar: 1939
745 / 745-282 — pagina 315

Ambtelijk rapport/proces-verbaal betreffende markttoezicht.

In dit rapport doet een marktinspecteur verslag van een overtreding van het marktreglement op de Amsterdamse Westermarkt. De inspecteur constateert dat plaatshouder M. Werkendam (nummer 154) zijn plek heeft afgestaan aan een neef die bij de loting voor die dag buiten de boot was gevallen. De neef verkocht goederen "in consignatie" (namens Werkendam), terwijl Werkendam zelf in het café zat. De inspecteur treedt streng op omdat dit gedrag de eerlijkheid van het lotingsysteem ondermijnt. Het is een klassiek voorbeeld van bureaucratische handhaving: de regels moeten voorkomen dat handelaren door middel van "zogenaamde assistentie" de schaarste aan standplaatsen omzeilen ten koste van andere gegadigden (de "lotelingen"). De tekst breekt abrupt af aan het einde van de pagina.

Maandag 24 juli (jaar onvermeld, mogelijk 1939 of 1944 op basis van de kalender). Jaar: 1939
745 / 745-322 — pagina 139

Brief (mogelijk een vervolgpagina of afsluiting van een verzoekschrift).

Het document is een zakelijk verzoek van een Amsterdamse marktkoopman, M. Werkendam, gericht aan een (niet genoemde) autoriteit, waarschijnlijk de marktmeester of de gemeente. De kern van het schrijven is tweeledig: 1. De schrijver geeft aan dat hij voor zijn handel een staanplaats van 6 tot 9 meter nodig heeft. 2. Hij verzoekt om een officiële vergunning voor "assistentie". Hij heeft zijn broeder (M. Werkendam jr.) in vaste dienst genomen omdat zijn vrouw het werk fysiek niet meer alleen aan kan. De toon is uiterst beleefd en formeel, wat gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties in die periode. Opvallend is de spelling "mogentlijk", een archaïsche vorm van 'mogelijk' die tot in de vroege 20e eeuw voorkwam.

Ongedateerd op deze pagina (vermeldt wel "1 Augustus l.l."). Geschat begin 20e eeuw (ca. 1920-1940). Jaar: 1940
745 / 745-322 — pagina 140

Ambtelijke adviesbrief / memo.

* **Kernboodschap:** De brief bevat een positief advies aan de Inspecteur van het Marktwezen over een verzoek van een markthandelaar, M. Werkendam, om assistentie van zijn broer te krijgen. Tevens wordt er gereageerd op een aanvraag voor een vaste staanplaats op de Nieuwmarkt; de aanvrager wordt herinnerd aan de noodzaak van een 'voorkeurskaart'. * **Administratieve proces:** Het document toont de bureaucratische gang van zaken rondom marktvergunningen in Amsterdam. Onderaan is een latere aantekening toegevoegd met de persoonsgegevens van de beoogde assistent (Max Werkendam, geboren 20-04-1917), waarschijnlijk ter verificatie of afronding van het dossier op 21 november 1940. * **Handschrift en Stijl:** Het document is geschreven in een verzorgd, ambtelijk handschrift. De toon is zakelijk en adviserend.

4 november 1940 (met een latere aantekening van 21 november 1940). Jaar: 1940
745 / 745-322 — pagina 141

Ambtenarennotitie / intern memo van de Gemeente Amsterdam (waarschijnlijk Marktwezen).

Dit document betreft een administratieve afhandeling van een verzoek binnen de Amsterdamse marktenvloot in het najaar van 1940. De kern van het verzoek is van de heer M. Werkendam. Hij vraagt toestemming om zich op zijn marktplaatsen (op de Nieuwmarkt en de Westerstraat) te laten assisteren door zijn broer, Max Werkendam (geboren 23 april 1917), in plaats van door mevrouw Eidinger. Er wordt expliciet vermeld dat het gaat om "assisteeren" en "niet vervangen". Verschillende ambtenaren (waaronder de heren De Boer en Stroer) geven hun akkoord ("geen bezwaar"). De notities laten het proces van de aanvraag zien: van het eerste advies in oktober tot de uiteindelijke afhandeling in november 1940. Er is ook sprake van een oproep voor een gesprek op een maandagochtend om 9 uur. De laatste opmerking onderaan lijkt te vragen om verificatie van de persoonsgegevens van de broer.

Gedateerd tussen oktober en november 1940 (gebaseerd op verschillende stempels en handgeschreven data zoals 29-10-'40, 11-11-"40 en 25/11/40). Jaar: 1940
745 / 745-322 — pagina 142

Doorslag van een officiële brief/beschikking.

* **Inhoud:** De brief is een officiële goedkeuring voor een wijziging in de personele bezetting van een marktplaats. De heer M. Werkendam krijgt toestemming om op zijn marktplaatsen (op de Nieuwmarkt en de Westerstraat) voortaan te worden bijgestaan door zijn broer, in plaats van door een mevrouw Eidinger. * **Belangrijke nuance:** Er wordt expliciet vermeld: "bijstaan - niet vervangen". Dit betekent dat de vergunninghouder zelf aanwezig moet blijven op de markt; de broer mag slechts als hulp fungeren en niet de volledige exploitatie overnemen. * **Administratie:** De handgeschreven notitie "Verzonden 26/11" bevestigt dat de brief een dag na de datering daadwerkelijk is uitgegaan. De aanduiding "Wijk 20" verwijst naar de administratieve indeling van Amsterdam voor de marktmeesters.

25 november 1940. Jaar: 1940
745 / 745-322 — pagina 143

Doorslag van een getypte brief (administratieve correspondentie).

In deze brief verleent een directeur (waarschijnlijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst) toestemming aan de heer M. Werkendam om zijn marktplaatsen op de Nieuwmarkt en in de Westerstraat anders te bemannen. Voorheen werd hij bijgestaan door een zekere mevrouw Eidinger, maar hij krijgt nu toestemming om zich te laten bijstaan door zijn broer, die eveneens M. Werkendam heet (geboren op 28 april 1917). De formulering is strikt bureaucratisch. Er wordt specifiek benadrukt dat het gaat om "bijstaan" en uitdrukkelijk "niet vervangen". Dit wijst op de destijds geldende marktreglementen waarbij de vergunninghouder persoonlijk aanwezig moest zijn en een helper slechts ondersteunend mocht werken. De toestemming is "tot wederopzegging", wat betekent dat de overheid deze op elk moment weer kan intrekken.

25 november 1940. Jaar: 1940
745 / 745-324 — pagina 313

Ambtelijke correspondentie (doorslag van een besluit/brief).

* **Inhoud:** De brief bevat een officiële vergunning voor de wijziging van een marktassistent. De heer M. Werkendam, die een standplaats heeft op de Westerstraatmarkt, krijgt toestemming om zich voortaan te laten bijstaan door Mevr. IJdinger, in plaats van door de eerdere assistent (eveneens genaamd M. Werkendam). * **Personen:** De geadresseerde is waarschijnlijk Mozes Werkendam (geboren in 1902), die volgens historische bronnen inderdaad op President Steynstraat 7-I woonde en van beroep marktkoopman was. Mevrouw IJdinger is vermoedelijk zijn echtgenote, Jansje Werkendam-IJdinger, of een familielid van haar kant. Het was in die tijd gebruikelijk voor marktkooplieden om familieleden als officiële assistenten te laten registreren. * **Administratieve sporen:** De handgeschreven notities ("Verzonden als..." en "In de bak") zijn typische archiefaanwijzingen die duiden op de verzendwijze en de fysieke plek waar de doorslag in het kaartsysteem of de archiefkast van de gemeente moest worden opgeborgen.

12 augustus 1940. Jaar: 1940
745 / 745-324 — pagina 314

Doorslag van een getypte brief (officieel schrijven).

In deze brief wordt een administratieve wijziging bevestigd betreffende een marktvergunning op de Westerstraatmarkt in Amsterdam. De heer M. Werkendam krijgt toestemming om zich voortaan te laten bijstaan door een zekere Mevrouw IJdinger. Opvallend is de tekst "- niet vervangen -", wat duidt op een formeel onderscheid tussen het tijdelijk laten bijstaan door iemand en het permanent overdragen of vervangen van de vergunninghouder. De toestemming is verleend "tot wederopzegging", wat betekent dat de instantie het recht behoudt deze beslissing op elk moment te herroepen.

12 augustus 1940. Jaar: 1940
745 / 745-352 — pagina 120

Handgeschreven brief/verzoekschrift.

* **Inhoud:** De schrijver verzoekt om uitstel van betaling (vermoedelijk voor een schuld of huur die aanstaande maandag voldaan moest worden). De reden voor dit verzoek is de ziekte van zijn echtgenote. Hij geeft aan dat zij, zodra zij hersteld is, haar werkzaamheden op de markt zal hervatten, wat de noodzakelijke inkomsten zal genereren om aan de betalingsverplichting te voldoen. * **Toon:** De brief is kort maar beleefd geformuleerd ("Ik hoop dat U", "Beleefde Groeten"). Het ademt de sfeer van een eerlijk, maar krap bij kas zittend huishouden. * **Handschrift:** Een duidelijk, geoefend handschrift uit de eerste helft van de 20e eeuw. De naam van de afzender lijkt "Werkendam" te zijn, een veelvoorkomende (vaak Joodse) achternaam in Amsterdam in die periode.

Jaar: 1941
745 / 745-352 — pagina 121

Administratieve notitie of intern memorandum.

Dit document betreft de intrekking van een marktplaatsvergunning van een zekere M. Werkendam. De kern van de zaak is een openstaande schuld van f 1,20 (één gulden en twintig cent) voor marktplaats 154 aan de Westerstraat in Amsterdam. De chronologie in de aantekeningen laat zien dat Werkendam op 16 januari 1941 is gewaarschuwd om de schuld uiterlijk 20 januari te voldoen. Omdat dit niet is gebeurd, wordt geadviseerd de vergunning in te trekken. Er wordt tevens de vraag gesteld of Werkendam een "losse plaats" op de Nieuwmarkt kan krijgen, maar het advies (gedateerd 24 en 31 januari) is negatief omdat de schuld nog steeds niet is voldaan en de eerdere plaats al is ingetrokken. Het document is getekend door verschillende ambtenaren, waaronder Th. Wolff en iemand met de naam of functie "dekaer".

Meerdere data vermeld: 29/1/1941 (stempel), 23/1-'41, 24-1-'41 en 31-1-'41. Jaar: 1941
745 / 745-352 — pagina 123

Doorslag van een getypte brief (officiële correspondentie).

In deze zakelijke brief wordt de heer M. Werkendam medegedeeld dat zijn marktvergunning voor de markt in de Westerstraat (Amsterdam-Jordaan) is ingetrokken. De officiële reden die wordt opgegeven is "wanbetaling". Opvallend is het geringe bedrag van de schuld: slechts 1,20 gulden. De intrekking is met terugwerkende kracht ingegaan op 20 januari 1941. De brief is een reactie op een schrijven van Werkendam zelf van 22 januari, wat suggereert dat hij wellicht uitstel van betaling had gevraagd of de situatie probeerde toe te lichten.

5 februari 1941. Jaar: 1941
745 / 745-352 — pagina 124

Getypte zakelijke brief (waarschijnlijk een doorslag of archiefkopie).

Het document is een korte, ambtelijke mededeling aan een marktkoopman, de heer M. Werkendam. De kern van de brief is de intrekking van zijn marktplaats op de Westerstraatmarkt in Amsterdam. De opgegeven reden is "wanbetaling". Opvallend is dat de intrekking met terugwerkende kracht (vanaf 20 januari) plaatsvindt en dat het gaat om een relatief klein bedrag van slechts 1,20 gulden. De toon van de brief is strikt en formeel, typerend voor de bureaucratische afhandeling van vergunningen in die tijd.

5 februari 1941. Jaar: 1941
745 / 745-348 — pagina 131

Administratief register van marktkooplieden.

Dit document is een register van kooplieden met een vaste staanplaats op de zondagmarkt van de Nieuwmarkt in Amsterdam. De kolomstructuur geeft het standplaatsnummer, de naam van de handelaar en de aard van de koopwaar weer. Wat opvalt is de homogene samenstelling van de lijst: 1. **Namen:** Vrijwel alle namen zijn typisch Joods-Nederlands (zoals d'Oliveira, Werkendam, Goudketting, Monnikendam, Gobits). De Nieuwmarkt was het centrum van de Joodse wijk in Amsterdam. 2. **Handelswaar:** De handel is sterk geconcentreerd in de textielsector (stoffen, zijde, kleding, dameshoeden). Dit was een economische sector waarin de Joodse gemeenschap van Amsterdam van oudsher sterk vertegenwoordigd was. 3. **Administratie:** De accolades geven aan dat bepaalde handelaren meerdere aaneengesloten standplaatsen bezetten.

6 februari 1941 (gebaseerd op de aantekening rechtsonder). Jaar: 1941