Levensverhaal

Update 29/10/2024 Deze informatie staat alleen bij de 454 mannen en vrouwen die stonden op de Joodse markt(of een aanvraag hebben gedaan om daar te mogen staan). De informatie zal steeds afhankelijk van het nog lopende onderzoek worden aangepast.   Joodsche Markten (november 1941 – december 1943) De opening van de markten was om 09:00 en het sluiten was afhankelijk van de zonsondergang. De veranderende sluitingstijden van de markten werden middels een kennisgeving gepubliceerd. Openbare kennisgeving 22 augustus 1941 Sluitingsuur markten De Regeeringscommissaris voor Amsterdam brengt ter openbare kennis van marktbezoekers en marktkooplieden, dat de markten hier ter stede, in verband met de verduisteringsmaatregelen uiterlijk een half uur voor zonsondergang door de marktkooplieden moeten zijn ontruimd. Derhalve moeten de markten op Zaterdag 23 augustus a.s. uiterlijk om 20:20 uur zijn ontruimd.     Losse en vaste plaatsen (30 januari 1941) Op 30 januari 1941 schrijft de directeur van het Marktwezen dat er vaste plaatsen of losse plaatsen zijn op de markt. De toewijzing van deze plaatsen geschiedt als volgt: dat vaste plaatshouders voor voorkeurskaarthouders en deze voor ingeschrevenen op de sollicitantenlijst voor een losse plaats in aanmerking komen. Ten slotte wordt zo nodig onder de niet ingeschreven kooplieden geloot. Alleen voor standwerkers geldt deze regeling niet daar het voor de orde op de markten noodzakelijk is hen op een bepaald gedeelte te plaatsen.   Stoppen met uitgeven vergunningen Joodsche venters(20 juni 1941) Op vrijdag 20 juni 1941 komt een nota ter sprake van de Administrateur der afdeeling Levensmiddelen. Deze nota betreft het uitreiken van nieuwe ventvergunningen aan Israëlieten. Uit deze nota blijkt, dat voor eenigen tijd door den Regeeringscommissaris is besloten, dat aan Israëlieten geen nieuwe ventvergunningen zullen worden gegeven. Op 1 augustus 1941 wordt op het voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, bad- en zwembadinrichtingen, door de Regeeringscommissaris voor Amsterdam het volgende besluit genomen:                                                            Besluit: Geen nieuwe standplaatsvergunningen uit te geven aan niet-ariërs.    Verordening over het optreden van Joden in het openbaar (15 september 1941) >>  Art.2. Voorts is aan Joden verboden het directe of indirecte deelnemen aan openbare markten, met inbegrip van de veemarkten, openbare veilingen en goederenbeurzen, alsmede het betreden van abattoirs verboden. >>  Art. 7. Wie in strijd handelt met de bepalingen van art. 1, 2, 3 en 5 of deze ontduikt, wordt – voor zoover niet krachtens andere voorschriften een zwaardere straf wordt toegepast – bestraft met hechtenis met een maximum van zes maanden en een boete met een maximum van 1000 gulden of met een van deze straffen. Aan dezelfde straf is onderhevig hij, die een ontduiking van deze bepalingen in de hande werkt, mogelijk maakt of daarbij zijn medewerking verleent.   Onderzoek locatie Joodsche Markten (14 oktober 1941) Ingevolge uw opdracht is door mij onderzocht op welke wijze uitvoering kan worden gegeven aan de bepalingen in artikel 2, jo. Art. 4 van de Verordening van den Commissaris-Generaal voor de Veiligheid van 18 september j.l. over het optreden van Joden in het openbaar. Het aanvankelijk onderzoek leidde tot het resultaat dat, zoo er naar gestreefd moest worden slechts daar markten voor Joodsche kooplieden te doen zijn waar een Joodsche bevolking van omvang woont, er dan plaats zou zijn voor het instandhouden van de Nieuwmarkt en het Waterlooplein met de daaraan verbonden markt aan den Zwanenburgwal, als zijnde markten, welke nagenoeg uitsluitend door Joodsche kooplieden gezet zijn, terwijl voorts voor de Oosterpark- en Transvaalbuurt, met een gezamenlijke Joodsche bevolking van rond 22.000 personen een markt zou kunnen worden gevestigd aan de Tugelaweg en voor het gedeelte van het Zuidelijk stadskwartier, begrensd door Ceintuurbaan, Rivierenlaan, Amstel en Boerenwetering, waar een Joodsche bevolking van 21.000 personen woont, een markt aan de Uiterwaardestraat hoek Hunzestraat zou kunnen worden bevestigd. Nader overleg tussschen U en bevoegde Duitsche autoriteiten leidde tot de opdracht te zoeken naar omsloten marktterreinen, zoodat op eenvoudige wijze controle kan worden uitgeoefend op het bezoek aan deze markten, welke uitsluitend door de Joodsche bevolking zou mogen geschieden. Laatstbedoeld onderzoek heeft er toe geleid, dat geen andere terreinen als hier bedoeld in aanmerking kunnen komen, dan kinderspeel- of sportterreinen. Gebonden te zoeken in buurten, waar een beteekenend aantal van de Joodsche bevolking woont, kan U thans worden voorgesteld om voor het houden van Joodsche markten te gebruiken; 1 de kinderspeelplaats Centrum aan het Waterlooplein; den Oosterspeeltuin aan de Joubertstraat en 3 den speeltuin, Afdeling Zuid aan de Gaaspstraat. Naar een voorlopige schatting zal de speelplaats aan het Waterlooplein plaats bieden voor 150 kooplieden, de speelplaats aan de Joubertstraat aan 180 a 200 kooplieden en de speelplaats aan de Gaaspstraat aan 250 kooplieden. Bij de berekening van het aantal plaatsen is er voorloopig van uitgegaan om de vaste speeltoestellen niet te verwijderen. Ik moge U voorstellen daartoe ook niet eerder over te gaan, dan nadat gebleken is dat aan meer marktplaatsen behoefte is. In totaal zal er voorhands dus voor 600 Joodsche marktkooplieden op de hierboven genoemde in te richten markten een plaats zijn. De Gemeentelijke Adviseur voor de Voedings- en Distributieaangelegenheden,   Aanvraag Joodsche markten (28 oktober 1941) Hierbij deel ik u mede, dat met ingang van 3 november a.s. de Joodsche kooplieden niet meer tot de algemeene dag- en weekmarkten en de hulpmarkten daarvan zullen worden toegelaten. Voor deze kooplieden worden de volgende hulpmarkten aangewezen: Speeltuin Waterlooplein; Speeltuin Joubertstraat; Speeltuin Gaaspstraat. In bijlage deze zend ik U een aanvraagformulier, hetgeen voor 31 oktober a.s. volledig ingevuld, voor zoover het gedeelte boven de streep betreft, te mijnen kantore Jan van Galenstraat 14, of ten kantore van den marktambtenaar moet worden ingeleverd.     Tijdelijke hulpmarkten voor Joden (31 oktober 1941) De Burgemeester van Amsterdam, Besluit: Met ingang van 3 november 1941 tot en met 1 januari 1942 als tijdelijke hulpmarkten van de algemene dagmarkten aan te wijzen: den speeltuin op het Waterlooplein, den speeltuin aan de Joubertstraat en den speeltuin aan de Gaapstraat net dien verstande: Dat op voornoemde markten uitsluitend mogen worden uitgestald en verkocht levensmiddelen en textielwaren; Dat op voornoemde markten uitsluitend Joodsche marktkooplieden een plaats kunnen innemen en uitsluitend Joodsche bezoekers aldaar worden toegelaten.   Persbericht (1 november 1941) Joodsche markten Alleen voor Joodsche bezoekers De burgemeester van Amsterdam deelt mede, dat de Joodsche markten in den speeltuin op het Waterlooplein, in den speeltuin aan de Joubertstraat en in den speeltuin aan de Gaaspstraat, welke markten op alle werkdagen worden gehouden, uitsluitend door Joden mogen worden bezocht. Gaaspstraat Start: 15/11/1941 met 199 kooplieden Einde: 25/9/1942 met 15 kooplieden 15/8/1942 stonden er 282 kooplieden   Joubertstraat Start: 22/11/1941 met 60 kooplieden Einde: 25/12/1943 met 20 kooplieden 1/8/1942 stonden er 131 kooplieden   Minervaplein Start: 27/6/1942 met 12 kooplieden Einde: 27/11/1943 met 3 kooplieden 1/8/1942 stonden er 20 kooplieden   Waterlooplein Start: 15/11/1941 met 124 kooplieden Einde: 31/7/1943 met 6 kooplieden 8/8/1942 stonden er 156 kooplieden   Kramenzetters (11 november 1941) Volgens het regelement van de markten is het zonder schriftelijke toestemming van den Directeur van het Marktwezen, verboden, op de markten andere kramen op te zetten of te hebben, dan die, welke gehuurd zijn van personen, aan wie door de Burgemeester en Wethouders vergunning is verleend om kramen, bestemd om op de markt te worden gebruikt, aldaar op een anderen dan voor de markt bestemden tijd op te zetten of te hebben. De bedoelde personen (de kramenverhuurders) betalen ter zake een belasting, het kramengeld, aan de Gemeente. Kooplieden, die hun eigen materiaal willen gebruiken, kunnen op de schriftelijke aanvrage, van mij vergunning krijgen, dit materiaal te blijven gebruiken. De niet – Joodsche stallen- en karrenverhuurders hebben de vraag gesteld of zij voor en na markttijd op de Joodsche markten materiaal voor het uitstallen van goederen mogen brengen en weghalen, dat wil dus zeggen des morgens voor 9 uur en des avonds na markttijd. Naar mijn mening nemen deze stallenzetters direct noch indirect aan de markten deel, terwijl op genoemde tijden geen Joden op deze terreinen aanwezig zijn.   Alleen toegang voor Joden: De kwestie Jozef van Delft (2 januari 1942) Er wordt in Amsterdam nauw toegezien op de strikte naleving van de ingevoerde anti- joodse maatregelen. Zo blijkt uit de correspondentie tussen de hoogste organen binnen het gemeentebestuur: Burgemeester E. Voûte en gemeentesecretaris J.F Franken en de Directeur van het Marktwezen dhr Sixma die is gevoerd tussen 2 en 27 januari 1942 over de overtreding die de marktkoopman  Jozef van Delft zou hebben begaan. Hij zou een ariër op het marktterrein aan de Gaaspstraat hebben toegelaten. Een overtreding die hoog werd opgenomen. Het diende ter voorbeeld en waarschuwing aan de Joodse kooplieden van de zogenaamde ‘Jodenmarkten’. Mark voor Joden vertelt met Stichting Sobibor het verhaal van Jozef van Delft. Bron: link   Aanwijzing tijdelijke hulpmarkt Minervaplein (19 juni 1942) Besluit Met ingang van 20 juni 1942 aan te wijzen als tijdelijke hulpmarkt uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers, het zandterrein aan het Minervaplein, begrensd door de Rubenstraat en de Minervalaan, met dien verstande, dat op voorgenoemde hulpmarkt allen groente en nader aan te wijzen levensmiddelen ter markt mogen worden verkocht.   Tweede Beschikking: optreden van Joden in het openbaar (30 juni 1942) Artikel 1. Joden moeten zich van 20 uur tot 6 uur binnen hun woningen ophouden. >>  Artikel 3. (1) Aan Joden is het verboden werkzaam te zijn als straatventer, met uitsluiting op het gebied van den handel in goederen van oude metalen, lompen en afval. >>    Gombault, Wirtschaftsreferent Bureau Beauftragte voor de Stad Amsterdam (15 juli 1942) Naar aanleiding van Uw brief d.d. 13 dezer Akt.wi: Ref. G/L., heb ik de eer U te berichten, dat de vaste plaatsen van Joodsche kooplieden, die in de laatste weken hun plaatsen niet hebben bezet, met ingang van Maandag 13 dezer worden ingetrokken. Deze vaste plaatsen zullen (overeenkomstig hetgeen aan het slot van mijn brief van 30 juni j.l. is vermeld), met ingang van dezen datum worden uitgegeven aan die joodsche kooplieden, die den laatsten tijd regelmatig losse plaatsen op de betrokken markten hebben ingenomen. Er zullen dus uitsluitend vaste plaatsen op de Jodenmarkten zijn, terwijl vanaf heden geen nieuwe vaste plaatsen en voorkeurskaarten zullen worden uitgereikt. De directeur.   Verdere algemene informatie omtrent de Joodsche markten en specifieke marktinformatie over de Gaaspstraat volgt.    Hierboven de aanvraagkaart van 30 oktober 1941 voor een plek op de Gaasptraat.     De politieagent die bij de entree stond om ervoor te zorgen dat er alleen Joden op het terrein kwamen.  Er zijn geen foto's bekend van de markt op de Gaaspstraat. De foto hierboven is een screenshot van een videofragment. Onderstaande kooplieden zijn niet terug te vinden op het Joods monument. Het kan zijn dat de gegevens niet 100% kloppen omdat er soms spelfouten zijn gemaakt. Indien u een persoon herkent en meer informatie heeft, dan hoor ik dat graag zodat ik gegevens aan kan passen. Contact hierover: info@marktvoorjoden.nl   Lijst aangepast per 29/10/2024 Ph Locher: 25/7/1909, onbekend L Vreeland: 17/9/1897, onbekend

Archiefstukken & Foto's

aanvraagkaart Aanvraagkaart
aanvraagkaart Aanvraagkaart
marktkaart Marktkaart
marktkaart Marktkaart
pasfoto Pasfoto
pasfoto Pasfoto
pasfoto_partner Pasfoto Partner

Archiefdocumenten

745 / 745-305 — pagina 195

Getypte brief (doorslag/kopie).

De brief is een dringende oproep voor een bespreking op korte termijn (de volgende ochtend). De toon is formeel en zakelijk. Het feit dat de ontvanger de mogelijkheid krijgt om andere bestuursleden mee te nemen, duidt erop dat het onderwerp de gehele vereniging aangaat en niet louter een persoonlijke kwestie is tussen de directeur en de secretaris. De afkorting "v.m." staat voor voormiddag (voor 12:00 uur).

6 november 1940. Jaar: 1940
745 / 745-305 — pagina 196

Getypte brief (doorslag op dun papier).

* **Inhoud:** De directeur roept de secretaris van de schillenophalersvereniging "D.E.S." (Door Eendracht Sterk) op voor een spoedoverleg de volgende ochtend om 11:00 uur. De noodzaak wordt benadrukt met de woorden "zeer dringend". Er wordt de mogelijkheid geboden om extra bestuursleden mee te nemen. * **Toon:** De brief is formeel, zakelijk en gezaghebbend. * **Taalgebruik:** Het document bevat verouderde spelling en formuleringen die typerend zijn voor de vroege 20e eeuw, zoals "mijnen kantore", "v.m." (voormiddag), "telephoneeren" en "desgewenscht". * **Fysieke kenmerken:** Het betreft een doorslag (carbonkopie) op dun, doorschijnend papier, wat gebruikelijk was in de administratie van die tijd om kopieën voor het archief te maken. De initialen rechtsboven verwijzen waarschijnlijk naar de opsteller en de typist.

6 november 1940. Jaar: 1940
745 / 745-316 — pagina 277

Ambtelijk advies/notitie betreffende een marktkraamvergunning.

* **Inhoud:** Het document betreft een verzoek van de heer A. Agsteribbe, die een standplaats (nummer 70) heeft op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. Omdat hij wegens gezondheidsredenen naar een herstellingsoord moet, vraagt hij toestemming dat zijn vrouw de kraam beheert, eventueel bijgestaan of vervangen door de heer A. de Vries. * **Besluitvorming:** De behandelend ambtenaar (De Haan) adviseert positief ("geen bezwaar"), op voorwaarde dat er een medische verklaring wordt ingediend. De toestemming wordt geadviseerd voor een periode van drie maanden. * **Taalgebruik:** Het document is geschreven in de destijds gangbare ambtelijke spelling (bijv. "echtgenoote", "den tijd", "zoover", "m.i." voor mijns inziens).

17 juli 1940 en 24 juli 1940. Jaar: 1940
745 / 745-316 — pagina 281

Getypte brief op doorslagpapier (met handgeschreven notitie).

* **Inhoud:** De brief bevat een officiële, tijdelijke toestemming voor de echtgenote van de heer Agsteribbe om hulp te krijgen bij het drijven van hun nering op de Albert Cuypmarkt. Omdat de heer Agsteribbe naar een herstellingsoord moet, mag hij voor maximaal drie maanden worden bijgestaan of vervangen door een zekere A. de Vries (geboren in 1878). * **Voorwaarden:** De toestemming is voorwaardelijk; er moet zo spoedig mogelijk een medische verklaring worden overlegd die de noodzaak van de opname in het herstellingsoord bevestigt. * **Vorm:** Het document is een typisch voorbeeld van de ambtelijke correspondentie van de gemeente Amsterdam in die tijd, met gebruik van de destijds gangbare spelling (zoals "hierby", "blyken", "zoover").

Jaar: 1940
745 / 745-316 — pagina 287

Ambtelijk advies / Correspondentebrief.

* **Inhoud:** Het betreft een formeel advies om een uitzondering te maken op de marktreglementen voor marktkoopman A. Agsteribbe (standplaats 70 AC). Vanwege ziekte verblijft hij in een rusthuis. De ambtenaar adviseert om hem conform artikel 11 sub b van het reglement tijdelijk vrij te stellen van de plicht om persoonlijk op de markt aanwezig te zijn. Tevens wordt geadviseerd de tijdelijke vervanging door een zekere A. de Vries met een maand te verlengen. * **Taalgebruik:** Het document is geschreven in de typische ambtelijke stijl van de jaren '40, gekenmerkt door lange zinnen en archaïsche formuleringen ("Waar het allen schijn heeft", "alhier"). * **Status:** Het document is een intern adviesstuk binnen de gemeentelijke administratie van Amsterdam.

17 oktober 1940. Jaar: 1940
745 / 745-316 — pagina 289

Officiële correspondentie (doorslag van een brief).

In deze brief verleent de directeur (waarschijnlijk van de gemeentelijke dienst voor het marktwezen) toestemming aan de heer A. Agsteribbe om zich tijdelijk te laten vervangen op zijn staanplaats op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De vervanging wordt toegestaan voor een periode van maximaal twee maanden vanaf de datum van de brief. De vervanger wordt expliciet bij naam en geboortedatum genoemd: A. de Vries, geboren op 25 juli 1878. De brief is een reactie op een verzoek van Agsteribbe van 9 oktober 1940. Het gebruik van het woord "alsnog" suggereert dat er mogelijk eerdere correspondentie of een eerdere afwijzing aan vooraf is gegaan, of dat het verzoek buiten de reguliere termijnen viel. De handgeschreven aantekening "extra" bovenaan kan wijzen op een bijzondere behandeling van dit dossier.

28 oktober 1940. Jaar: 1940
745 / 745-305 — pagina 404

Getypte brief

* **Inhoud:** De brief is een formele uitnodiging aan het bestuur van een belangenvereniging voor schillenophalers. De afspraak zal plaatsvinden op het kantoor van de directeur in Amsterdam-West. * **Toon en taalgebruik:** De stijl is uiterst hoffelijk en formeel ("heb ik de eer", "Uwer vereeniging", "mijnen kantore"). Het gebruik van afkortingen zoals "a.s." (aanstaande) en "n.m." (namiddags) was destijds standaard in zakelijke correspondentie. * **Uiterlijke kenmerken:** Het document is vervaardigd met een schrijfmachine op eenvoudig papier. De letter 'G' rechtsboven duidt waarschijnlijk op een archiveringscode of een specifieke afdeling.

27 januari 1936 Jaar: 1940
745 / 745-305 — pagina 407

Getypt afschrift van een brief.

In dit document verzoekt de Vereeniging voor Schillenophalers "Door Eendracht Sterk" de Amsterdamse gemeenteraad om de invoering van een vergunningsstelsel voor hun beroepsgroep. De kern van het verzoek is het aan banden leggen van de "thans heerschende vryheid". De vereniging wil dat het verboden wordt om schillen op te halen zonder schriftelijke vergunning. Dit wijst op een vorm van protectionisme: de georganiseerde schillenophalers wilden waarschijnlijk de concurrentie beperken en hun beroep professionaliseren (of reguleren) om hun eigen inkomsten veilig te stellen. Door een vergunning verplicht te stellen, konden 'onbevoegden' of losse gelukszoekers van de markt worden geweerd. De toon van de brief is uiterst formeel en eerbiedig, passend bij de ambtelijke correspondentie van die tijd. Het feit dat de vereniging pas een jaar eerder (1934) was opgericht, suggereert dat dit een van hun eerste grote lobby-inspanningen was bij het gemeentebestuur.

12 maart 1935. Jaar: 1940
745 / 745-305 — pagina 409

Getypte brief (afschrift).

Dit document is een formeel verzoekschrift van een beroepsvereniging aan het gemeentebestuur van Amsterdam. De kern van het verzoek is de roep om regulering van het beroep van schillenophaler. De vereniging verzoekt de raad om een vergunningsstelsel in te voeren, waardoor het onmogelijk wordt om zonder schriftelijke toestemming schillen op te halen. De tekst getuigt van een sterke wens tot professionalisering en bescherming van de beroepsgroep. Door te spreken over het beëindigen van de "thans heerschende vryheid", geeft de vereniging aan dat de ongecontroleerde toegang tot het beroep (waarschijnlijk door niet-leden of incidentele ophalers) nadelig is voor de gevestigde ophalers. De toon is uiterst beleefd en volgt de toenmalige formele etiquette voor correspondentie met overheidsinstanties.

12 maart 1935. Jaar: 1940
745 / 745-367 — pagina 305

Voorzijde van een briefkaart (poststuk).

Het betreft de adreszijde van een officiële correspondentie gericht aan de Dienst der Marktwezen in Amsterdam. De datum, 17 november 1944, plaatst dit document midden in de 'Hongerwinter' tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Dienst der Marktwezen was in die tijd een cruciaal overheidsorgaan dat toezag op de distributie en verkoop van de schaarse levensmiddelen in de stad. De handgeschreven notitie "Gaaspstraat" in de linkerbovenhoek suggereert een administratieve verwerking; mogelijk had de inhoud van de kaart (die op de achterzijde staat) betrekking op een locatie of bewoner in die straat, of is het een verwijzing naar een ander dossier. De toevoeging "(Z)" bij de afzender staat voor Amsterdam-Zuid.

Jaar: 1941
745 / 745-349 — pagina 404

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

De brief is een formeel verzoek van Betsy Agteribbe-Moses aan de directeur van het Amsterdamse Marktwezen. Haar man, Gerrit Agteribbe, die werkzaam was als marktkoopman, was op dat moment opgenomen in het Wilhelmina Gasthuis. Mevrouw Agteribbe verzoekt om een tijdelijke vervanger (de heer A. de Vries) aan te stellen zodat de standplaats op de markt behouden blijft tijdens de ziekte van haar man. Opvallend is de sarcastische opmerking in rood potlood rechtsboven: *"een beetje meer zorg voor de stukken lijkt mij wel gewenst"*. Dit is waarschijnlijk een interne berisping van een ambtelijk superieur aan een ondergeschikte over de slordige (verbrande) staat waarin het document in het dossier is beland.

26 maart 1941. Jaar: 1941
745 / 745-349 — pagina 406

Administratief dossierblad / intern memo van de Gemeente Amsterdam (Afdeling Marktwezen).

Dit document is een ambtelijke correspondentie betreffende de vervanging van een marktkraamhouder op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. * **De kern van de zaak:** A. Agsteribbe, houder van plaats 70 op de Albert Cuypstraat, verzoekt om zich te laten vervangen door A. de Vries. * **Besluitvorming:** Aanvankelijk wordt door De Boer geadviseerd voor een periode van drie maanden (9-4-41). Echter, in de definitieve beslissing onderaan (getekend door Van Moerkerken op 11-4-41) wordt gesproken over vervanging voor "een onbepaald tijdvak". * **Terminologie:** De frase "gezien de omstandigheden waarin [persoon] verkeert" is een typisch ambtelijke formulering die vaak duidt op een overmachtssituatie of persoonlijke crisis.

Maart en april 1941. Jaar: 1941
745 / 745-349 — pagina 409

Getypte brief (vermoedelijk een doorslag voor het archief).

De brief is een officiële beschikking waarin de heer A. Agsteribbe toestemming krijgt om zijn staanplaats op de Albert Cuypmarkt tijdelijk (maximaal drie maanden) over te dragen aan een vervanger, A. de Vries. De aanvraag hiervoor was op 26 maart 1941 ingediend. De handgeschreven notitie "Verzonden 15/4" dient als administratieve bevestiging van verzending. De namen in de kantlijn ("M. de Leer", "HG.") verwijzen waarschijnlijk naar de behandelend ambtenaren of de betreffende administratieve afdeling.

15 april 1941. Jaar: 1941
745 / 745-349 — pagina 410

Getypte brief (doorslag/archiefkopie).

In deze zakelijke correspondentie geeft de directeur van de betreffende gemeentelijke instantie gehoor aan een verzoek van de heer A. Agsteribbe. Agsteribbe krijgt toestemming om zijn standplaats op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam gedurende een periode van maximaal drie maanden over te dragen aan een vervanger, genaamd A. de Vries. De brief vermeldt specifieke administratieve details zoals "Wijk 11" en een dossierkenmerk, wat duidt op de strakke regulering van de Amsterdamse markten in die tijd.

15 april 1941. Jaar: 1941
745 / 745-387 — pagina 122

Handgeschreven brief (achterzijde/vervolgblad) met ambtelijke kanttekeningen.

Het document betreft een verzoekschrift van A. de Vries V d Woude uit de Vinkenstraat in Amsterdam aan een overheidsinstantie (waarschijnlijk een Rijksbureau voor distributie) tijdens de Duitse bezetting. De schrijver verzoekt om een "toewijzing" om weer in het eigen onderhoud te kunnen voorzien. Dit duidt op een aanvraag voor schaarse grondstoffen of handelsgoederen die onder de distributieregeling vielen. De ambtelijke reactie, in de kantlijn genoteerd, is negatief. De reden voor de afwijzing is dat de aanvrager volgens de administratie al jaren niet meer actief is in de handel. In potlood is een concept-antwoord geformuleerd dat deze afwijzing aan de verzoeker communiceert. De vermelding "~ 1000 kg ~" suggereert de omvang van de gevraagde toewijzing.

Oorspronkelijke brief gedateerd april 1942 (doorstreept); ambtelijke verwerking november 1942. Jaar: 1942
745 / 745-387 — pagina 123

Getypte doorslag van een zakelijke brief.

* **Inhoud:** De brief is een formele afwijzing van een verzoek dat Mevrouw De Vries op 24 november 1942 had ingediend. De reden voor de afwijzing is puur administratief/zakelijk: de geadresseerde wordt niet langer beschouwd als actief deelnemer aan het handelsverkeer ("niet meer in den handel"). * **Taalgebruik:** Het document hanteert de destijds gebruikelijke formele zakelijke stijl, inclusief de verouderde naamvalsvorm "in den handel" en de afkorting "jl." (jongstleden). * **Vorm:** Het betreft waarschijnlijk een doorslag op dun (blauwachtig) carbonpapier, bestemd voor het eigen archief van de verzendende instantie. Dit verklaart de handgeschreven notitie over de verzenddatum.

2 december 1942. Jaar: 1942
745 / 745-388 — pagina 186

Registerblad / grootboekpagina.

Dit document is een administratieve lijst van marktkooplieden in Amsterdam, opgesteld tijdens de Duitse bezetting. De tabel is systematisch ingericht om de identiteit, woonplaats en de economische activiteit van individuen vast te leggen. Opvallend is de variëteit aan handelswaar, variërend van levensmiddelen (visch, ijs, koffiesurrogaat) tot textiel en huishoudelijke artikelen (porselein, lampen). De kolom 'Markt' vermeldt bekende Amsterdamse locaties zoals de Albert Cuypstraat, het Waterlooplein en de Dapperstraat, maar ook specifieke locaties zoals de Gaaspstraat en de Joubertstraat. Veel van de vermelde adressen bevinden zich in de Jodenbuurt of de Transvaalbuurt. Het handschrift is duidelijk en professioneel, wat duidt op een officiële gemeentelijke of politionele registratie. Het gebruik van aanhalingstekens (") als ditto-tekens is consequent toegepast voor herhaalde locaties of data.

Jaar: 1942
745 / 745-373 — pagina 225

Getypte lijst van marktkooplieden.

* **Demografie:** De lijst bevat namen van personen die nagenoeg allemaal van Joodse afkomst zijn. De geboortedata lopen uiteen van 1874 (B. Rozelou) tot 1920 (E. de Leeuw), wat wijst op een brede leeftijdsgroep die actief was in de handel. * **Geografie:** De woonadressen concentreren zich in de bekende Amsterdamse wijken waar veel Joodse burgers woonden, zoals de Jodenbuurt (St. Antoniesbreestraat, Rapenburg), de Transvaalbuurt (Retiefstraat, Tilanusstraat, Blasiusstraat) en de Rivierenbuurt (Rijnstraat, Lekstraat). * **Economie:** De verhandelde artikelen laten een divers beeld zien van de marktsector: textiel, manufacturen, verse eetwaren (aardappelen, groenten, fruit, vis, brood) en huishoudelijke artikelen. * **Administratieve bijzonderheden:** De optelsom onderaan is cruciaal. Het toont aan dat er 271 plaatsen zijn toegewezen ("uitgereikt"), terwijl er in eerste instantie slechts 254 beschikbaar waren, wat resulteert in een tekort of overschot van 17 plaatsen (mogelijk extra plekken die buiten het reguliere raster werden gecreëerd).

Jaar: 1942
745 / 745-373 — pagina 227

Document

* **Geografie:** De adressen concentreren zich sterk in de Amsterdamse Jodenbuurt en de omliggende wijken (Jodenbreestraat, Waterlooplein, Rapenburg, St. Anthoniesbreestraat). * **Economie:** Het document geeft een gedetailleerd beeld van de kleine middenstand en markthandel in die tijd. Veelvoorkomende artikelen zijn "ongeregeld" (diverse/tweedehands goederen), "visch", "fruit", "textiel" en "garen en band". * **Demografie:** De namen wijzen op een uitsluitend Joodse populatie, met zowel Asjkenazische als Sefardische namen (zoals Montesinos). De geboortedata lopen uiteen van de jaren 1860 tot 1913, wat duidt op een mix van gevestigde handelaren en jongere ondernemers.

Jaar: 1942
745 / 745-373 — pagina 236

Document

* **Administratieve Structuur:** De lijst is georganiseerd in vier kolommen: Naam, Geboortedatum, Adres en Artikel. Aan de voet van de pagina staat een berekening van de totale capaciteit van de marktstandplaatsen. De beschikbare capaciteit (240 met een 20% marge) komt uit op 288 plaatsen, waarvan er 271 zijn toegewezen, met een overschot van 17. * **Artikelen:** Er is een breed scala aan koopwaar zichtbaar, variërend van eerste levensbehoeften (aardappelen, groenten, fruit, vis, brood) tot textielwaren (manufacturen, kanten, mode-artikelen) en huishoudelijke artikelen. * **Geografie:** De adressen bevinden zich uitsluitend in Amsterdam, met een sterke concentratie in wijken als de Jodenbuurt (St. Antoniesbreestraat, Rapenburg, Jodenbreestraat), de Pijp (Albert Cuypstraat, Van Woustraat) en Amsterdam-Oost (Tilanusstraat, Retiefstraat, Blasiusstraat).

Jaar: 1942
745 / 745-374 — pagina 245

Getypte brief (pagina 2).

* **Inhoud:** De brief bevat een concreet voorstel aan de autoriteiten om de verkoop van aal (paling) ordelijker te laten verlopen. De schrijvers pleiten voor de vorming van één enkele rij in plaats van groepen mensen rondom de karren, om te garanderen dat mensen die uren wachten ook daadwerkelijk hun portie krijgen. * **Toon:** De brief is formeel en beleefd ("Hoogachtend", "U ons voorstel terdege zal bestudeeren"), maar de ondertoon suggereert frustratie over de huidige gang van zaken bij de aalverkoop. * **Schrijvers:** J.A. de Vries en L.P. Breedschneider treden hier op als bezorgde burgers of vertegenwoordigers van een buurt. Hun adressen (Gerard Doustraat en 1e van der Helststraat) liggen vlak bij de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. * **Handgeschreven notitie:** De aantekening "Met politie bespreken / Kap v Bessem" duidt erop dat de ontvanger de brief serieus nam. "Kap v Bessem" verwijst naar een kapitein van de Amsterdamse politie.

Onbekend (gebaseerd op spelling en context vermoedelijk jaren '40). Jaar: 1942
745 / 745-401 — pagina 129

Document

- **Structuur**: De lijst is alfabetisch geordend op achternaam. Het bevat persoonlijke basisgegevens en een categorisering middels cijfers ("1") in specifieke kolommen. - **Gegevensvelden**: - **Naam**: Achternaam en initialen. "Wed." staat voor weduwe. - **Geb. datum**: Dag-maand-jaar. - **Adres**: Straatnaam met huisnummer en verdieping (I, II, III, hs = huis). "inw." staat voor inwonend. - **Markt (G, J, W, M)**: Deze kolommen representeren waarschijnlijk vergunningscategorieën voor marktkooplieden. In de context van de bezettingsjaren duidde 'J' vaak op de speciale "Joodse markten" die vanaf 1941 werden ingesteld. De overige letters staan waarschijnlijk voor productcategorieën (G = Groenten, W = Waren/Manufacturen, M = Melk/Vlees).

Jaar: 1943
745 / 745-400 — pagina 522

Registerblad / Administratieve lijst (waarschijnlijk afkomstig uit een inventarisatie van de Joodse Raad of een roofinstantie zoals de Lippmann, Rosenthal & Co. bank).

* **Namen:** De lijst bevat uitsluitend Joodse namen (zoals Porcelijn, Beugeltas, Brilleslijper, Bolle). * **Geografie:** De adressen concentreren zich in de toenmalige Joodse wijken van Amsterdam, zoals de Jodenbuurt (Waterlooplein, Rapenburg, Zwanenburgwal) en de Transvaalbuurt (Tugelaweg, Retiefstraat, President Brandstraat). * **Annotaties:** De kolom "Datum Inlevering" bevat cruciale informatie. Veel data liggen rond 26 en 27 januari 1942. De opmerkingen "Sicherheitspol" (Sicherheitspolizei), "gevangenis scheveningen" (het Oranjehotel) en "V.V. bij M.S." (vermoedelijk Vrijwillige Vertrek bij Maatschappelijk Steun, een eufemisme voor deportatie of ontruiming) duiden op actieve vervolging. * **Administratieve tekens:** Er staan kruisjes (x) voor sommige regels, wat kan duiden op een controle of een afwijkende status van die specifieke personen. De Romeinse cijfers achter de huisnummers geven de verdieping aan (hs = huis/begane grond).

Januari en februari 1942. Jaar: 1943
745 / 745-427 — pagina 6

Logistiek overzicht / Vaarlijst voor de binnenscheepvaart.

Het document is een logistiek rapport betreffende de aanvoer van goederen (waarschijnlijk voedsel) naar de Centrale Markt in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kern van het document ligt in de rode annotatie onderaan. Er is een conflict tussen de geldende spertijden/brugtijden en de economische noodzaak van de markt. Omdat de schepen pas om 05:00 uur door de brug bij Haarlem mogen, arriveren ze pas na 08:00 uur bij de markt, wat voor de handel "te laat" is. De schrijver pleit voor een eerdere doorgang (tussen 03:30 en 04:00 uur), maar merkt in de kantlijn sceptisch op dat dit door de duisternis (verduisteringsvoorschriften) waarschijnlijk onhaalbaar is. De tweetalige koppen duiden op direct toezicht door de Duitse autoriteiten op de Amsterdamse voedseldistributie.

11 juli 1944. Jaar: 1944
745 / unknown_deel — pagina 194

Getypte lijst op papier (doorslag/carbonkopie).

* **Identificatie:** Dit is een registratielijst van Joodse inwoners van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De letter "J" in de eerste kolom staat ontegenzeggelijk voor "Jood". * **Structuur:** De lijst is alfabetisch geordend op achternaam (beginnend bij Visser, eindigend bij de toevoeging van Agsteribbe en Bierens onderaan). * **Gegevens:** Per persoon is de geboortedatum (vaak in twee formaten), de volledige naam en het exacte adres (inclusief verdieping) genoteerd. * **Annotaties:** De handgeschreven vinkjes en de Romeinse cijfers (I t/m V) wijzen op administratieve verwerking. Deze cijfers kunnen verwijzen naar verschillende transporten, wijken, of stappen in het proces van deportatie of tewerkstelling via de Joodse Raad of de *Zentralstelle für jüdische Auswanderung*. * **Handgeschreven toevoeging:** De rode "V=92" rechtsonder is waarschijnlijk een totaaltelling of een dossiercode.

745 / unknown_deel — pagina 271

Document

Dit document is een administratieve lijst van Joodse inwoners van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De lijst bevat namen, adressen en statussen met betrekking tot medische keuringen. Opvallende elementen: * **Terminologie:** De term "afgekeurd" duidt op ongeschiktheid voor de 'Arbeitseinsatz' (dwangarbeid) op medische gronden. Annotaties zoals "ziek, attest Dr." en "Geestesv." (geestesziek) dienden als bewijs voor vrijstelling of uitstel. * **Organisatie:** De annotatie "a/" voor bedrijfsnamen suggereert mogelijk een zakelijke of commerciële categorie binnen de lijst. * **Actualisering:** De doorgehaalde namen en de handgeschreven data (maart t/m juni) laten zien dat dit een werkdocument was dat gedurende meerdere maanden werd bijgehouden. * **Locaties:** De adressen beslaan bekende Amsterdamse wijken met een grote Joodse populatie in die tijd (o.a. de Rivierenbuurt en Zuid). ---